Eenvoudige papieren sterren
Leren weven in de winter
Bij het rondweven worden er van fotokarton en wol decoratieve sterren gemaakt voor de kerstperiode. Het overzichtelijke weefoppervlak maakt het gemakkelijk om kennis te maken met de weeftechniek en leidt al na korte tijd tot zichtbare resultaten. Door verschillende wolkleuren, patronen en geschilderde versieringen krijgt elke ster zijn eigen, persoonlijke uitstraling. De geweven ster is ideaal als instapproject of als afwisseling op de geweven kerstman.
Eerst het principe begrijpen, dan ontwerpen, later verdiepen.
De papieren ster reduceert het weven tot een overzichtelijke reeks bewegingen. Daardoor kunnen zelfs kinderen uit groep 3 al ervaren hoe uit afzonderlijke draden door herhaling en orde een vormgegeven oppervlak ontstaat – zonder dat een weefraam of uitgebreide voorkennis nodig is.
Geschikt voor:
vanaf groep 1
ca. 6–7 jaar
Textielontwerpen
Tijdsbestek:
ongeveer 2-3 lesuren
Leergebied:
- Weven en textielontwerp
- Werktechnieken en werkprocessen
- textielmaterialen en materiaalervaring
- Fijne motoriek en hand-oogcoördinatie
- Winter, Kerstmis en de jaarcyclus
Handleiding voor het maken van websterren
PDF XX MB
Wat wordt er onderwezen?
De volgende competentiegebieden worden met dit model bijzonder versterkt:
Vakkennis
- Het basisprincipe van het weven in de praktijk leren kennen en toepassen
- het verschil leren zien tussen gespannen en bewegende draden
- begrippen als weven, kettingdraad en inslagdraad steeds correcter gebruiken
- Wol, fotokarton en borduurnaald gebruiken in overeenstemming met hun eigenschappen
Creativiteit
- Kleuren en wolcombinaties bewust kiezen
- eenvoudige kleursequenties en eigen patronen ontwikkelen
- Het samenspel tussen het papieroppervlak, de wolstructuur en grafische versieringen uitproberen
- eigen ontwerpideeën binnen een vooraf bepaalde basisvorm uitvoeren
Motorische vaardigheden
- De hand-oogcoördinatie trainen bij het geleiden van de draad
- de fijne motorische bewegingen bij het wikkelen, inrijgen en weven versterken
- De draadspanning steeds beter beheersen
- tweehandig en geconcentreerd werken stimuleren
Dit is nodig:
Materiaal:
- Fotokarton
- Acrylwol, bij voorkeur iets dikker
- Kleurstiften
- Ster-sjabloon
Ook nuttig:
- Knutselmat
- Potlood
- Liniaal
- Lijm
Gereedschap:
- Borduurnaald met stompe punt
- Schaar
Lesverloop:
Aan de hand van een groot demonstratiemodel wordt getoond hoe de wol eerst om de puntjes van de ster wordt geleid. Daarbij kan al in eenvoudige vorm onderscheid worden gemaakt tussen de vastliggende draden en de weefdraad die er later doorheen wordt geleid. De vaktermen kettingdraad en inslagdraad kunnen worden geïntroduceerd op basis van het leerniveau van de leerlingen, of in eerste instantie alleen door middel van praktische oefeningen worden voorbereid.
In de ontwerpfase staat in eerste instantie het begrijpen van de bewegingsvolgorde centraal. Vanuit het midden van de ster wordt de draad afwisselend langs de gespannen draden geleid. Daarbij ervaren de kinderen direct hoe door herhaalde bewegingen geleidelijk een textieloppervlak ontstaat. Het werkritme, de beheerste omgang met de draad en een passende draadspanning zijn belangrijker dan een volkomen gelijkmatig resultaat.
Naarmate de kinderen meer zekerheid krijgen, komt het ontwerp steeds meer op de voorgrond. Er kan van wolkleur worden gewisseld, er kunnen kleurreeksen worden ontwikkeld en er kunnen vrije patronen worden uitgeprobeerd. Tot slot wordt het zichtbare papiergedeelte van de ster aangevuld met kleurstiften.
Tot slot worden de websterren gezamenlijk bekeken. Daarbij kan minder worden gevraagd naar „goed“ of „fout“, maar eerder naar welke verschillende effecten er zijn ontstaan door kleuren, draaddichtheid en patronen. Uit meerdere individuele werkstukken kan vervolgens een gezamenlijke winterversiering voor ramen, het klaslokaal of het schoolgebouw ontstaan.
Tip voor het lesverloop
Bereid voor klas 1 de stervormen zo veel mogelijk voor, of plan het uitknippen als een aparte werkfase in. Korte stukjes wol in plaats van lange draden voorkomen dat de wol in de knoop raakt en maken het wisselen van kleur een stuk gemakkelijker.
Zo eenvoudig is het:
STAP 1
Download de sjabloon, druk deze af en knip hem uit. Maak desgewenst je eigen sjablonen en bereid deze voor. Leg de sjabloon op het gewenste fotokarton, trek de omtrek over met een potlood en knip de ster uit.
STAP 2
Leid de wol achtereenvolgens om de punten van de ster, zodat de kettingdraden door het midden van de ster lopen. Knoop het begin en het einde van de wol aan de achterkant aan elkaar vast.
STAP 3
Knip een stukje wol af en knoop het ene uiteinde in het midden van de ster vast aan de kettingdraden. Rijg het andere uiteinde in de naald. Weef nu vanuit het midden: leid de draad afwisselend over en onder de kettingdraden door.
STAP 4
Weef het midden van de ster ronde na ronde verder. Voor een kleurwisseling knoop je de nieuwe woldraad aan de vorige vast en weef je verder. Als de gewenste grootte is bereikt, plak je het laatste draadeinde aan de achterkant vast.
STAP 5
Versier de vrije stukken papier van de ster met kleurstiften of krijtstiften. Teken stippen, lijnen of kleine patronen en laat de verf drogen. Prik indien nodig met een naald een klein gaatje door een van de punten en maak er een draadje aan vast om de ster op te hangen.
ONZE TIP:
Wijs je leerlingen erop dat ze de wol maar lichtjes moeten aantrekken, zodat de stervorm niet bol gaat staan en het midden van het weefsel gelijkmatig blijft.